Editoriaal – n°1 – juni 2004

Een mens doet zichzelf soms wat aan. Alsof ik in mijn professioneel leven nog niet genoeg aan de hand heb, heb ik mij gewoonweg en domweg laten inpakken. Doordat ik geen “neen” kan zeggen op de charmerende en enthousiasmerende vraag van onze Nationaal Voorzitter om via een tijdschrift de uitstraling van de Vlaamse Wijngilde te maxima- liseren, zit ik nu vloekend voor het scherm, wach- tend achter de laattijdige artikels die maar niet binnenkomen. Nochtans was ik geleerd. Het succes van en het labeur aan Vinosiris had mij moeten wapenen voor hetgeen mogelijks op mij af ging komen. Hugo had gedacht: eenmaal hoofdredacteur, altijd hoofdredacteur. En… uw dienaar heeft het weer aan “zijne rekker”! Vinosiris is dood, leve Ken Wijnmagazine.

Anders dan vroeger moet er nu gewerkt worden in team, met een redactieraad, met een door de Raad van Bestuur goedgekeurd systeem, met een methodiek die enkel door professionele uitgevers kan worden gedragen. ’t Is alsof we niets anders gedaan hebben in ons met drank overgoten leven. Niets is min- der waar, natuurlijk. De sfeer van een goed uitgebouwd vrijwilligerswerking heerst alom. Enfin, de goesting en de gedrevenheid van alle medewerkers is dermate groot, dat het inspirerend werkt voor een hoofdredacteur. De talrijke positieve reacties van de Commanderijen om deel te nemen aan de Ken Wijn- magazine doet veel goeds vermoeden voor de toekomst. Onder het motto “wij zijn vertrokken, wie weet waar we eindigen…”, ligt nu het eerste veel te dikke nummer te blinken in uw handen.

We beseffen maar al te goed dat de energie om zo een tijdschrift op de markt te brengen moet aangehouden worden. De volgende editie moet immers tegen het einde van het jaar andermaal bij alle leden van de Vlaamse Wijn- gilde in de bus liggen. Elke bereikte doelstelling is tevens een stap naar de volgende.

Download inhoudsopgave en editoriaal Ken Wijn – Jaargang 1 – n°1

 

© 2004 – 2011, Erwin Devriendt. All rights reserved. On republishing this article you must provide a link to the original article on www.closdesfreres.be.